Voor Boekhandel van Rossum op de Beethovenstraat in Amsterdam schreef Boekwijzer in het kader van de Kinderboekenweek een lijst met kinderboekentips.

PRENTENBOEKEN

Sla Verrassing, Vriendjes of Vrolijk van Mies van Hout eens open. De beeldtaal van de illustraties in deze prentenboeken is ongeëvenaard. Verrassing gaat over opgroeien en de liefde tussen ouder en kind (verlangen, troosten, loslaten), Vriendjes over alles wat met vriendschap te maken heeft (spelen, klieren, hopen, goedmaken) en Vrolijk over gevoelens (benieuwd, jaloers, verliefd, boos). De tekeningen zijn geschikt voor alle leeftijden en geven genoeg aanknopingspunten voor creatieve uitspattingen of gesprekjes. Mies van Hout heeft daar zelf ook veel tips over. De boeken zijn ook in het buitenland een daverend succes. Lees bijvoorbeeld eens deze review in The New York Times.

De tweede tip is Op reis of Journey (Boekhandel van Rossum heeft ook een ‘geheime kamer’ met veel Engelstalige kinderboeken) van Aaron Becker. Deze New York Times-bestseller gaat over een klein meisje dat zich verveelt. Ze tekent een rode deur en stapt haar eigen magische fantasiewereld binnen. De grauwe verveling slaat om in een kleurrijk avontuur. Bekijk hier de making-of van het boek.

Of het prentenboek van de Kinderboekenweek: Fabians Feest met illustraties van Marit Törnqvist, bekend van het populaire boek Jij bent de liefste. Vrolijkheid, feest en ongeremde fantasieën spatten van de pagina’s. Törnqvist is er met dit boek jubelend in geslaagd aan te sluiten bij het feest dat gevierd wordt omdat de Kinderboekenweek zestig jaar bestaat. Tijdens de kinderboekenweek is Fabians Feest voor maar 6,95 euro te koop. Er is ook een speciale app verkrijgbaar.

WOORDJES LEREN

Liefhebbers van Fiep Westendorp kunnen hun hart ophalen; uit haar uitgebreide oeuvre is Het grote Fiep kijkboek samengesteld. Op elke twee pagina’s wordt een thema behandeld: in de stad, in de dierentuin, in het bos, spelletjes, muziek, beroepen, welterusten, het zijn er te veel om op te noemen. Een boek om uit te leren, maar ook om bij weg te dromen. De gewoonste dingen worden bijzonder als ze getekend zijn door Fiep Westendorp. Een mooi detail is dat de royalty’s van Fiep Westendorp ten goede komen aan de kinderprojecten van haar Foundation.

Woordjes leren aan de hand van Het grote boek van woorden en plaatjes van Ole Könnecke is alsof je kleine, vaak grappige verhaaltjes vertelt. Bijna de hele belevingswereld van de peuter komt aan bod. De bijzonderheid zit hem in de manier waarop de woorden verbeeld worden. Met eenvoudige, sprekende plaatjes worden verbanden gelegd (zomerse kleren bij een zomerse boom), er zijn beeldverhalen (kindjes die een koekje eten worden achternagezeten door een ooievaar met een stofzuiger), tekeningen staan in een bepaalde volgorde (beginnen met de kinderwagen en eindigen met de rollator), emoties komen aan bod, zelfs tellen en het abc ontbreken niet.

In haar imposante Beestenboek heeft Joëlle Jolivet meer dan 400 dieren verzameld, die ze per twee pagina’s ingedeeld heeft op bijvoorbeeld kleur, leefomgeving of grootte. Dieren van alle soorten en maten en met bekende tot daar-heb-ik-nog-nooit-van-gehoord-namen. Zo vind je op de Met vlekken en strepen-pagina de zebra, maar ook de pyjama-koraalbaars en op de In de warmte-pagina de leeuw en de naakte molrat. De illustraties maakte ze net als in haar Bijna alles en Klerenboek met linoleumsneden. De boekjes zijn ook in mini-vorm verkrijgbaar.

INFORMATIEF

Het raadsel van alles wat leeft en de stinksokken van Jos Grootjes uit Driel is de grote (en zeer terechte) winnaar van verschillende prijzen dit jaar. Illustratrice Floor Rieder won de Gouden Penseel voor haar prachtige illustraties (alleen daarvoor en voor de gouden kaft zou je het boek op de tafel willen hebben) en op het Kinderboekenbal werd aan schrijver Jan Paul Schutten de Gouden Griffel uitgereikt. Schutten viel deze eer al eens toe in 2008 voor Kinderen van Amsterdam. Dat boek was goed en dit boek is beter. Zoals de illustraties Floor Rieder haar meesterproef worden genoemd, zo past de kwalificatie ‘het voorlopige magnus opus’ de schrijver. De onderwerpen zijn groots – het wonder van het leven en de evolutietheorie – en worden zo alomvattend beschreven dat het bijna niet mogelijk is er maar een klein stukje over te schrijven (een uitgebreide blog zal dan ook snel volgen). Hulde voor dit werk. Dit boek zal voor ouders net zo leerzaam zijn als voor kinderen.

De titel Voor en Na zegt het al een beetje: een begin heeft een einde, een oorzaak een gevolg. De Franse illustratoren Anne-Margot Ramstein en Matthias Aregui hebben deze verbanden in dit bijzondere kijkboek (zonder tekst) weergegeven. Soms basaal (van knop naar bloem), vaak doordacht (van schaap naar wol, van wol naar trui), serieus (van oerwoud naar stad) en ook zeker grappig (van kip naar ei, of was het toch van ei naar kip?). De tekeningen zijn strak omlijnd en in rustige kleuren. Hier is alvast een voorproefje te zien.

In Springende pinguïns en lachende hyena’s heeft Jesse Goossens allerlei gekke, niet voor de hand liggende, zeer vrolijk makende dierenweetjes verzameld. Wist je bijvoorbeeld dat sommige rupsen geweldig goed met poep kunnen gooien, dat een struisvogelmannetje brult als een leeuw en dat een cheeta niet kan grommen, maar tjilpt als een vogel als hij opgewonden is? Gouden Penseel-winnares Marije Tolman maakt het boek met haar kenmerkende, kleurrijke illustraties uniek.

VOORLEESBOEKEN 2+

Voor de kleinsten verscheen dit jaar van de hand van Ted van Lieshout de vierde Boer Boris. Eigenlijk maakt het niet zoveel uit welke Boer Boris je kiest. Of hij nu op de boerderij blijft, naar zee gaat, in de sneeuw vertoeft of geen feest wil; zijn avonturen blijven aanspreken. Door de herhaling en het eenvoudige, goedlopende rijm kunnen kinderen al snel meepraten. De speelse tekeningen van Philip Hopman vullen de tekst perfect aan. Overigens kan het niet anders dan een knipoog van de eigenzinnige Ted van Lieshout zijn, dat Boer Boris juist in dit jaar géén feest viert…

Niet voor niets won Held op sokken een Zilveren Griffel. Het is een grappig verhaal in goedlopend rijm over een baardloze held op sokken, die leeft tussen ridders mét baarden (die ze hoorden te hebben, net als harnassen en zwaarden). Die baarden raken op slag uit de mode als hij een freule verleidt met zijn drakenballen (hij wist maar weinig over draken, hij had enkel geleerd hoe hij gehakt van ze moest maken). De illustraties van Gouden Griffelwinnaar Thé Tjong-Khing maken het boek stoer en grappig.

Het vierde Aadje Piraatje boek verscheen dit jaar. De titel Aadje Piraatje viert feest past goed bij de Kinderboekenweek, maar staat helaas in schril contrast met het verdrietige overlijden van schepper Sieb Posthuma. Dat er geen nieuw boek meer van deze meesterlijke illustrator zal verschijnen is eigenlijk al reden genoeg om zijn gehele oeuvre zo snel mogelijk aan te schaffen. De tekeningen in Aadje Piraatje (en in eigenlijk al zijn boeken) zijn wonderlijk mooi, op veel momenten grappig en ze versterken de klinkende rijmteksten van Marjet Huiberts onmiskenbaar. Als je nog geen Aadje Piraatje in huis hebt, begin dan vooral met de eerste (winnaar Zilveren Griffel en Vlag en Wimpel 2010). Sinds het overlijden van Sieb heeft het verhaaltje Heimwee uit dat boek een bijzonder plekje gekregen. Zijn uitgever schreef mooi:

Sieb, ik mis je.
Sieb, ik mis je zo
Zoals Jan z’n hand mist en Goof z’n oog,
Zoveel mis ik jou ook.

Van Aadje Piraatje is ook een badboekje en een heuse app verkrijgbaar.

LEESBOEKEN 8+

Mijn bijzonder rare week met Tess had eigenlijk niet mogen ontbreken in de lijst van Gouden Griffelkandidaten van dit jaar. De boeken van de jonge, talentvolle schrijfster Anna Woltz mag je eigenlijk gewoonweg niet niet lezen. In dit spannende, ontroerende boek laat ze je in de huiden van Samuel en Tess kruipen, die elkaar tijdens de zomervakantie op Texel ontmoeten. Tess wil haar vader, die ze nog nooit gezien heeft, ontmoeten en hoopt dat Samuel haar daarbij zal helpen. Anna Woltz slaagt er telkens op sympathieke en schijnbaar (want dat is natuurlijk uiteindelijk haar grote kracht) eenvoudige wijze in een diepere laag bloot te leggen die je wat te denken laat en je de hoofdpersonages in je hart doet sluiten. Waar Anna Woltz haar inspiratie voor dit boek over familie en vriendschap vandaan haalde lees je hier.

De Spionnenclub van Rebecca Stead zal een feest van herkenning zijn voor menig opgroeiende (bijna) tiener. In dit snelle, spannende, grappige boek moet Georges (die nogal baalt van zijn naam) met zijn ouders noodgedwongen naar een flat verhuizen waar hij door zijn buurjongen Kitser in diens spionnenclub wordt opgenomen. Samen hopen ze hun mysterieuze flatgenoot Mister X te ontmaskeren. Door de boeiende onderlaag die langzaamaan bovenkomt en ontroerende plot overstijgt dit boek het gangbare. Stoer én diepgaand, die combinatie komt weinig voor. De Guardian bekroonde het boek dit jaar al met de children’s fiction prize (opvallend is dat De Spionnenclub daarbij het immens populaire Een weeffout in onze sterren achter zich liet).

Na Bibi’s bijzondere beestenboek, waarin – de titel zegt het al – onalledaagse dieren beschreven werden, richt Bibi Dumon Tak zich in Bibi’s doodgewone dierenboek op alledaagse dieren. De miniatuurportretten zijn beeldschoon en loeigrappig, met allerlei verrassende feitjes die de dieren lang niet zo doodgewoon maken als ze lijken. De illustraties van Fleur van Weel zijn van dezelfde pracht als de beschrijvingen van de diertjes. Bibi is trouwens de partner van Jan Paul Schutten (de Gouden Griffel-winnaar van dit jaar) en won zelf de Gouden Griffel in 2012 voor haar boek Winterdieren.

 

LEESBOEKEN 10+

‘Shall we make a new rule of life… always try to be a little kinder than necessary?’ Alleen al dit voorstel zou iedereen ertoe mogen zetten Wonder van R.J. Palacio te lezen: kinderen én volwassenen. Dit boek speelt zich af rondom het eerste schooljaar van de tienjarige Auggie. Auggie heeft een ernstige gezichtsafwijking (‘Wat je ook denkt, ik weet bijna zeker dat het erger is’). Het boek is veel meer dan een uiteenzetting van de moeilijk- en fijnheden waar Auggie mee te maken krijgt. Het is bovenal een oproep tot vriendelijkheid, tot aardigheid, tot empathie. Het wat Amerikaanse feelgoodeinde tovert niet anders dan een glimlach en een dikke traan op het gezicht. Het gemis van een ruw randje is Palacio direct vergeven.

In De regels van drie van Marjolein Hof reizen Twan en zijn tweelingzus Linde naar IJsland. Overgrootopa – opi Kas – kan volgens hun moeder en oma niet meer voor zichzelf zorgen en moet mee, terug naar Nederland. De koppige Opi Kas is geenszins van plan zich gewillig mee te laten voeren en vraagt Twan om hem te helpen bij zijn ontsnappingsplan. Een spannend, krachtig, toegankelijk boek. De kracht van Hof zit meer in het weglaten van woorden dan in de uitgebreide beschrijvingen en dat doet ze zo meesterlijk dat je dit boek in een ruk uit wil lezen. Terwijl de onderwerpen (doodgaan, afscheid nemen, zelfbeschikking) best zwaar zijn, blijft het boek grappig, prikkelend en licht. Hof won hiermee de Woutertje Pieterse Prijs, maar had ook zeker een Zilveren Griffel verdient dit jaar. Bekijk hier de boektrailer.

Dertien kinderen in één boek, zonder dat het een complete warboel wordt? Ilse Bos is er met Troep ruimschoots in geslaagd. Samen met Wanja, Vladimir, Wally, Aznar, Knut, Wolke, Mo, Hidde, Nillem, Trijn en de tweeling Flip en Tuitje woont Pola op een woonboot, terwijl hun (pleeg)moeder Taatje de wereld afstruint op zoek naar haar Grote Liefde. Het avontuur begint als hun prettige, zorgeloze leven verstoord wordt door mevrouw Wijntjes van het zorgbureau. Ze werd al vergeleken met Astrid Lindgren en Annie M.G. Schmidt, en hoewel dat een terecht compliment is, is de fantasie van Ilse Bos toch vooral heel eigen. De levendige illustraties van Ilse Faas doen het boek nóg meer sprankelen.

LEESBOEKEN 12+

Broergeheim is het bijzonder goede debuut van Emiel de Wild. Hij won er meteen een Zilveren Griffel mee. In dit aangrijpende boek verdwijnt de broer van de 11-jarige Joeri van de ene op de andere dag uit zijn leven. Hij mist hem vreselijk en niemand wil vertellen wat er gebeurd is of waar Stefan gebleven is. Wanhopig besluit Joeri om Stefan brieven te gaan schrijven. Als hij uiteindelijk ontdekt wat er is gebeurd, zou hij wel willen stoppen met broerzijn. Dit boek is een ware pageturner.

Anna Woltz woonde in New York toen de stad werd overvallen door orkaan Sandy. Ze schreef er Honderd uur nacht over. Emilia  – een puber van veertien met smetvrees – ontvlucht Nederland nadat ze erachter komt dat haar vader dingen heeft gedaan met een leerling die een schooldirecteur helemaal niet behoort doen. En een vader al helemaal niet. Ze komt terecht in New York (‘Honderdduizend steden bestaan er op de wereld. En ik ben gevlucht naar de stad die over twee dagen wordt getroffen door een orkaan.’) Dit mooie boek gaat over veel en tegelijkertijd wordt het nooit onoverzichtelijk. Dat is niet toevallig. Dat heeft alles te maken met het enorme talent van deze auteur.

April is de wreedste maand is het vervolg op Soldaten huilen niet van Rindert Kromhout. De boeken gaan over de Bloomsbury Groep, de kleurrijke kunstenaarsgroep die in de eerste helft van de vorige eeuw in Engeland leefde. Ze kunnen los van elkaar gelezen worden, maar het is eigenlijk zonde om niet met de het bekroonde Soldaten huilen niet te beginnen. Daarin vertelt Quentin, de zoon van kunstenares Vanessa Bell en neef van Virgina Woolf over Charleston, hun fantastische huis op het Engelse platteland, haar uitzonderlijke bewoners en bezoekers, en over de leugen die aan het licht komt. Een leugen die enorme gevolgen zal hebben. In April is de wreedste maand komt Angelica, het zusje van Quentin aan het woord. Dat boek gaat over de dagen nadat haar tante Virginia Woolf spoorloos verdween. Bij een rivier wordt alleen haar wandelstok teruggevonden. Wat staat er in de brief die ze heeft achtergelaten? Heeft hun geweldige tante zelfmoord gepleegd? Quentin en Angelica kunnen het nauwelijks geloven en gaan naar haar op zoek. Twee schitterende historische romans die cultuurgeschiedenis spannend maken voor pubers.

LEESBOEKEN 15+

Grote kans dat de hit Een weeffout in onze sterren al in je kast staat. (Zo niet? koop het boek zo snel mogelijk, het is geweldig!). Succesauteur John Green schreef gelukkig nog veel meer prachtige boeken. Zoals Negentien keer Katherine. Subtiel en met veel humor (hardop lachen is geen uitzondering) volg je het hoogbegaafde wonderkind Colin, die tot zijn grote ongenoegen voor de negentiende keer gedumpt is door een Katherine. Om zichzelf nog meer liefdesverdriet te besparen besluit hij een wiskundige formule te bedenken om de kans van slagen van een toekomstige relatie te voorspellen. Een wervelend verhaal vol grappige weetjes. Leuk om te bekijken is het interview van Edward van de Vendel met John Green met het gastoptreden van ‘wiskundemeisje’ Ionica Smeets daarin. Tijdens een zeer vermakelijke lezing bekeek ze of ze kans van slagen zou hebben bij George Clooney volgens de formule van Colin.

Gebr. van Ted van Lieshout grijpt je bij de strot en laat niet meer los. De broer van Lukas, Marius, is overleden. Zijn eigenzinnige, maar niet onlieve moeder wil al zijn bezittingen verbranden. Gelukkig redt Lukas het dagboek van Marius uit de vlammen; hij ontdekt dat zijn broer dingen over hem wist die hij nog niet aan zichzelf durft te bekennen. Een prachtig verhaal over homoseksualiteit en het verdriet over het overlijden van Marius (‘Kun je nog een broer zijn als je broer dood is?’). Ted van Lieshout schreef Gebr. al in 1996. Het boek werd opnieuw uitgegeven in 2009 omdat Van Lieshout de Theo Thijssen-prijs won. Het is betoverend goed, wereldwijd geroemd en in meer dan tien talen vertaald.

Overspoeld is het nieuwste boek van Gideon Samson. Hij schreef het samen met Julius ’t Hart, die vrijwilligerswerk deed in Sri Lanka toen dat eiland in 2004 door de tsunami werd getroffen. Tijdens de finale van het WK voetbal krijgt Pieter een bericht van Elin, het meisje op wie hij verliefd werd op Sri Lanka en dat hij sinds de ramp niet meer heeft gesproken. Op confronterende, meeslepende wijze wordt de lezer met Pieter teruggezogen naar de gebeurtenissen van 2004. Het boek is misschien minder subtiel dan we van Samsom gewend zijn, het is er zeker niet minder goed door. Het is een van de Slashboeken van Querido, die geschreven zijn op basis van waargebeurde levensverhalen van bijzondere jongeren. Het boek is net zo interessant voor meisjes als voor jongens, maar lijkt gemaakt om jongens aan het lezen te krijgen (of houden).